Wat vangt een Sarracenia eigenlijk?
Prooien in de natuur en bij ons
Van mieren en bromvliegen tot motten en wespen: de vangststrategie van de trompetbekerplant onder de loep
Sarracenia is een geslacht van vleesetende planten dat van nature voorkomt in de Verenigde Staten en Canada. De meeste soorten groeien aan de Oostkust, in open moerassen die vaak omgeven zijn door dennenbossen. In die voedselarme, natte gronden kunnen ze via hun bekers extra voedingsstoffen zoals stikstof (N) en fosfor (P) opnemen door kleine insecten en andere prooien te vangen en te verteren. Maar wat precies vangen die bekers? En verschilt dat tussen de natuur en een tuin in België of Nederland?
Prooien in de natuur
De samenstelling van de vangst verschilt opmerkelijk tussen de soorten. Niet elke Sarracenia legt het op dezelfde prooi aan.
| Soort | Voornaamste prooien | Bijzonderheid |
|---|---|---|
| S. rubra | Mieren, niet-vliegende insecten | Lage, smalle bekers; efficiënt voor bodeminsecten |
| S. minor | Mieren, niet-vliegende insecten | Heeft doorschijnende vlekken ("false exits") die insecten desorienteren |
| S. psittacina | Mieren, waterorganismen | Fuikvorm: kan actief organismen in het water vangen |
| S. flava | Vliegen, kevers, wespen, mieren | Grote bekers; produceert coniine (verdovend) in de beker |
| S. leucophylla | Vliegen, motten, vlinders, mieren | Witte kap trekt specifiek nachtvlinders aan |
| S. alata | Vliegen, kevers, mieren | Vergelijkbaar met S. flava in vangststrategie |
| S. purpurea | Mieren, kevers, diverse insecten | Lage, open beker; geen kap, werkt meer als regenwaterbak |
Aanwezig in de vangst van vrijwel alle soorten. Worden gelokt door nectar langs de buitenkant van de beker.
Dominant bij de grotere soorten als S. flava en S. leucophylla. Worden aangetrokken door geur.
Regelmatig aangetroffen in de grotere bekers, vooral grondkevers die de nectar volgen.
Vooral bij S. leucophylla. Slechts een klein aandeel van de totale vangst, maar soortspecifiek opvallend.
Worden zelden gevangen en in heel kleine aantallen. Geen meetbaar effect op bijenpopulaties aangetoond.
Nauwelijks gevangen door Sarracenia. Muggen worden beter gevangen door Drosera (zonnedauw).
Prooien in België en Nederland
In onze klimaatzone vangen Sarracenia voor het grootste deel vliegen, mieren en wespen, afhankelijk van de soort en de locatie. Een vraag die ik regelmatig krijg: hoeveel vliegen kan zo'n trompetbekerplant eigenlijk vangen?
Het is moeilijk een exact getal te geven, maar deze planten zijn duizenden jaren geëvolueerd en zijn erg efficiënt in wat ze doen. Als de plant buiten staat of in een onverwarmde kas of serre, zitten de bekers tegen het einde van de zomer vaak vol, met wel 100 dikke bromvliegen per beker is geen uitzondering.
Opvallend: zelfs als er een paar duizend vleesetende planten bij elkaar staan, zoals bij ons in de serre, vangen vrijwel alle planten nog steeds goed. Er is blijkbaar geen uitputting van het lokale insectenaanbod bij normale plantendichtheden.
Vangst in de praktijk
Ruwe indicaties voor een volwassen plant buiten of in een onverwarmde serre, einde zomer:
Bekijk het zelf: een volle beker van dichtbij
Hieronder een video van een doorgeknippe Sarracenia flava-beker uit onze serre. Dat zijn geen kleine mugjes — dat zijn dikke bromvliegen.
Zelf een trompetbekerplant in de tuin?
Winterharde Sarracenia zijn verrassend makkelijk te kweken buiten in België en Nederland, en vangen het hele seizoen door. Bekijk ons gekweekt assortiment.
Bekijk ons Sarracenia-aanbodLiteratuur
- Fish, D. (1976). Insect-plant relationships of the insectivorous pitcher plant Sarracenia minor. Florida Entomologist, 199–203.
- Harvard Forest. (2020). Sarraceniaceae captures. Geraadpleegd via https://harvardforest.fas.harvard.edu/sarraceniaceae-captures.
- Heard, S. B. (1998). Capture rates of invertebrate prey by the pitcher plant, Sarracenia purpurea L. The American Midland Naturalist, 139(1), 79–89.
- Horner, J. D. (2014). Phenology and pollinator-prey conflict in the carnivorous plant, Sarracenia alata. The American Midland Naturalist, 171(1), 153–156.
- Jürgens, A., Sciligo, A., Witt, T., El-Sayed, A. M., & Suckling, D. M. (2012). Pollinator-prey conflict in carnivorous plants. Biological Reviews, 87(3), 602–615.
- McPherson, S., & Schnell, D. E. (2011). Sarraceniaceae of North America. Redfern Natural History Productions.
- Wray, D. L., & Brimley, C. S. (1943). The insect inquilines and victims of pitcher plants in North Carolina. Annals of the Entomological Society of America, 36(1), 128–137.
📸 Wat zit er in jouw bekers?
Ben je benieuwd wat jouw Sarracenia aan het einde van de zomer gevangen heeft? Knip een beker door en stuur je foto naar killian@dupontflora.com, wie weet figureert jouw vangst in een volgend artikel!
0 reacties